‘De verplichte certificering is een verkapte sanering’
Logo bloemenkrant.nl
Foto: florapodium
Bloemen in Beweging

‘De verplichte certificering is een verkapte sanering’

Leden van de facebookgroep Kwekers tegen VERPLICHTE certificering weten wel beter: de verplichte certificering is een middel om de sector te saneren. De duurzaamheidseisen zijn hierbij een zoveelste breekijzer. De markt vraagt er niet om, kopers niet en consumenten niet. De kleintjes moeten er eenvoudigweg uit, luidt de opvatting.

Door Walter Landesbergen

Als dat zo is, dan lijkt de verplichte certificering het gewenste effect te krijgen. Meer kwekers overwegen gebruik te maken van de stoppersregeling of doen dat al.

Duurzaam

Je kan de kleine kwekers kortzichtigheid verwijten. De hele wereld is bezig met verduurzamen, dus waarom dit zinloze verzet. Aan duurzaamheidseisen ontsnapt geen ondernemer, ook de kleinste niet.
Natuurlijk weten kleine kwekers dat ook. Het verzet betreft dan ook niet de certificering, waartegen geprotesteerd wordt is de verplichting, vandaar het gebruik van de hoofdletters VERPLICHTE. Alle argumenten die de verzetsgroep in diverse media naar voren heeft gebracht zijn genoegzaam bekend: het beleid van de veiling breekt steeds meer in op hun ondernemerschap en een toenemende administratieve belasting en alsmaar oplopende kosten. Bovendien wordt er getwijfeld aan de effectiviteit van het certificatiesysteem. Niet sluitend, zo wordt geoordeeld, gesjoemel ligt op de loer.

Besluitvorming

Wat echter het meest steekt, is de besluitvorming rondom verplichte certificering. In het proces wat geleid heeft tot dit coöperatiebeleid werden leden geschoffeerd. Zij gaven de voorkeur aan marktwerking. Een meerderheid van de aanwezigen tijdens ledensessies inzake verplichte certificering bleek dan ook tegen en toch is die er gekomen. Nog erger, er zijn zelfs knalharde sancties in het leven geroepen. Wie straks niet gecertificeerd is, wordt geweerd van de eigen marktplaats, terwijl er over uitsluiting op ledensessies nooit is gesproken.

Leden en directie

Het tumult rond de verplichte certificering is een van de voorbeelden dat het serieus kraakt in de coöperatie. Een toenemend deel van de leden voelt zich in de steek gelaten en de directie wordt verweten afstandelijk te zijn, doof, ivoren torengedrag, arrogant, eigenzinnig, niet competent, gevoelloos en wat niet al. Anderzijds laten de leden het stelselmatig afweten door niet, te weinig of te laat betrokken te zijn op de momenten dat er grote beleidskwesties op de agenda staan.

Vervreemding

De vervreemding is dus tweezijdig. Je ziet het terug in de ondertekening van het IMVO-convenant. Royal FloraHolland is een van de trotse ondertekenaars. Een daad geheel in overeenstemming met wat de coöperatie stelt in haar jaarverslag van 2019, zie pagina 9, onder het kopje Duurzame ontwikkeling:

“Tegelijkertijd blijven we vol inzetten op duurzame ontwikkeling. Duurzaamheid zien we als kans en als verantwoordelijkheid om met de keten de sector beter te maken. We zorgen er samen voor dat alle aanvoerders eind 2020 geregistreerd zijn en eind 2021 beschikken over een milieucertificaat.”

Doelstellingen van de directie worden echter door grote delen van het veld niet automatisch gezien als doelstellingen of wensen van de leden. Die vervreemding tussen veld en kantoor is al langer aan de gang en voor iedereen waarneembaar. Of het nu gaat om de verplichte certificering, Floriday of Floriway, onderwerpen waarover nu zoveel te doen is.
In zijn interne blog schrijft Van Schilfgaarde dat hij geschrokken is van al die reacties uit het veld. Als hij dat oprecht meent, levert de CEO het alarmerende bewijs van die vervreemding. In het FD-interview van 19 januari jongstleden laat hij op tekenen dat hij niet verwacht dat leden aan de noodrem zullen trekken. De antenne ontbreekt, want met de petitie van vandaag -zie de voorpagina van deze Bloemenkrant- wordt die poging wel degelijk ondernomen.

Kan de coöperatie nog alles betekenen voor iedereen?

Audit

De directie van RFH staat nu voor een enorme klus. Hoe houd je boel bijeen. De druk vanuit het veld zwelt deze weken tot orkaankracht aan. De roep om een audit naar onder andere Floriday is weinig anders dan een motie van wantrouwen.
Mochten er audits komen, dan zullen de bevindingen bijdragen tot inzicht in het reilen en zeilen van de coöperatie, maar de grootste vraag wordt daarmee niet getackeld, en die is: wat is de toekomstbestendigheid van de coöperatie en de sector? Met andere woorden: de audit waar het meest behoefte aan is, is er een naar de coöperatie zelf. Kan die nog alles betekenen voor iedereen? De geplande consultatiesessies deze maand zullen hier waarschijnlijk geen antwoord op gaan geven, omdat de scope van het onderwerp, het lidmaatschapsmodel, te beperkt is.

Olifanten en paradijsvogels

Voortgaan op de huidige weg leidt tot slachtoffers, de tegenstanders, zij die nu als achterblijvers worden gediskwalificeerd. Maar wat als blijkt dat deze groep vakmensen voor een vitale sector onmisbaar is? Ook voor die opvatting kent iedereen de aangevoerde argumenten: innovatiekracht, laagdrempelige toetreding, de speciaalzaak versus de discounter enzovoorts. Het zou verstandig zijn om een onderzoek te doen naar het fenomeen coöperatie in relatie tot de sector. Misschien komt er wel uit dat olifanten beter gedijen tussen olifanten en paradijsvogels tussen paradijsvogels. Maar, zo wordt gevreesd, in tegenstelling tot de olifanten is er bij deze strategie van RFH geen onderkomen meer voor de paradijsvogels, om in de metafoor te vast te houden.

Verzoek tot informele vergadering

Volgens artikel 10 van het Reglement Ledenraad heeft het veld de mogelijkheid een verzoek in te dienen voor het houden van een informele vergadering van de Ledenraad, met als doel een dergelijke audit te houden. Zoals in artikel 10.1 staat.


Artikel 10.1: Indien op voorstel van een groep leden van ten minste tweehonderdvijftig (250) in aantal en die gezamenlijk bevoegd zijn tot het uitbrengen van ten minste één twintigste (1/20) gedeelte van de stemmen in een voltallige ledenbijeenkomst als bedoeld in artikel 31 van de Statuten, aan de Ledenraad wordt verzocht in een daarvoor te beleggen informele vergadering onderwerpen in behandeling te nemen die in het belang van de Coöperatie en de leden zijn, mits de onderwerpen binnen het mandaat van de Ledenraad vallen, neemt de Ledenraad in een formele vergadering een besluit of een dergelijk verzoek wordt gehonoreerd of wordt geweigerd. Een besluit om het verzoek te weigeren wordt gemotiveerd.

Waar blijft de audit naar de coöperatie en de sector?

Zo’n fundamenteel onderzoek naar coöperatie en sector kan weleens een onderwerp zijn dat in het belang is van de coöperatie EN de leden, alle leden. De enquête die door Flora Futura is gehouden - zie voor uitkomsten en conclusies pagina 9 van deze Bloemenkrant - en door 860 kwekers/kopers is ingevuld, is een legitimatie voor de audit. En met de petitie die vandaag door een groep van kwekers aan de directie is aangeboden is de formele stap gezet.

Nicheveiling

Dat er een nicheveiling komt zou wel eens een gevolg kunnen zijn. Maar dan wel na een onafhankelijk onderzoek. Een onderzoek uitgevoerd door RFH, zoals aangekondigd, laadt de verdenking op zich niet objectief te zijn, te meer omdat de optie Rijnsburg in het verleden door de coöperatie als niet serieus te nemen ter zijde is geschoven. Maar misschien heeft de tijd ook dat inzicht veranderd.

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden